Mastitis

Mastitis is een ontsteking van de borst die gepaard kan gaan met een infectie. Mastitis treedt in de meeste gevallen op tijdens de eerste zes weken na de bevalling, maar kan ook op een ander moment tijdens de lactatieperiode ontstaan. Mastitis kan onder ander worden veroorzaakt door het onvolledig legen van de borst, stagnatie van de melk en ontstekingen. Verstopte melkkanalen en gezwollen borsten kunnen ook mastitis tot gevolg hebben als deze aandoeningen niet naar behoren worden behandeld.
Medela advies: Mastitis tijdens borstvoeding

Er zijn verscheidene risicofactoren voor mastitis, waaronder beschadigde tepels, met name als er sprake is van een besmetting met Staphylococcus aureus en ziekte of stress. Andere factoren die borstontsteking kunnen veroorzaken, zijn bijvoorbeeld lange perioden tussen de borstvoedingen of onregelmatige voedingen, het verkeerd aanleggen van de baby, waardoor er onvoldoende melk wordt verwijderd, strakke kleding ter hoogte van de borst, een te hoge melkproductie, snel spenen en een witte vlek op de tepel.

Tekenen van mastitis

Mastitis kan worden omschreven als een gevoelig, warm of heet, opgezwollen, wigvormig deel van de borst, wat mogelijk gepaard gaat met koorts (> 38,5 °C). Symptomen van mastitis worden soms ten onrechte aangezien voor griepverschijnselen. Mastitis kan ook een ontsteking van de borst zijn, waarbij de borst rood is, pijnlijk aanvoelt en warm is als de borst opgezwollen is (koppeling naar het onderwerp stuwing) of verstopt zit, zonder dat er sprake is van een infectie. Stuwing kan infectieuze mastitis en een abces in de borst tot gevolg hebben als deze aandoening niet naar behoren wordt behandeld. Mastitis kan binnen slechts enkele uren verergeren en moet onmiddellijk worden behandeld.

Evaluatie

Het wordt aanbevolen om onmiddellijk nadat de symptomen optreden een medisch professional te raadplegen voor diagnose en behandeling van mastitis. In de meeste gevallen worden laboratoriumonderzoeken of andere diagnostische procedures niet aanbevolen, tenzij:

  • er al eerder mastitis is vastgesteld en de behandeling daarvan geen effect heeft
  • de mastitis terugkeert
  • de mastitis in het ziekenhuis is opgelopen
  • er sprake is van een allergie voor de reguliere antibiotica
  • het om een ernstig of ongewoon geval gaat

Behandeling

Er moet in overleg met een professionele zorgverlener of lactatiekundige een behandelplan worden toegepast.

Enkele wetenschappelijk bewezen strategieën die in samenwerking met een professionele zorgverlener kunnen worden toegepast:

  • Eerst voeden met de desbetreffende borst en regelmatig borstvoeding geven om verstoppingen op te heffen. Als pijn de toeschietreflex bemoeilijkt, kunnen moeders in plaats daarvan met de andere borst beginnen
  • Helpen bij het positioneren en aanleggen om de drinktechniek te verbeteren en daardoor een eventuele verstopping weg te nemen.
  • Zoveel mogelijk rusten
  • De borst vóór het voeden verwarmen met een warmtekussentje om de melktoevoer te stimuleren en na het voeden koelen met compressen om de pijn te verlichten en de ontsteking te verzachten
  • Pijnstillers gebruiken: Na het raadplegen van een medische professional, kan er mogelijk een analgeticum worden gebruikt om de pijn te bestrijden en de toeschietreflex te ondersteunen Tijdens de borstvoedingsperiode wordt met name een ontstekingsremmend middel zoals Ibuprofen veilig geacht
  • Een medisch professional raadplegen om de noodzaak van farmacologische behandeling of niet-farmacologische behandeling vast te stellen
  • Antibiotica gebruiken: als de moeder ziek is of de symptomen niet binnen 24 uur zijn afgenomen, zijn antibiotica doorgaans de aangewezen behandelmethode voor mastitis
  • Het wordt aanbevolen om de gehele antibioticakuur af te maken. De gekozen antibiotica moet effectief en geschikt zijn voor gebruik tijdens de borstvoedingsperiode. Tijdens de kuur moet de moeder doorgaan met de borstvoeding, aangezien er geen bewijs is dat een gezonde, voldragen baby risico loopt als hij borstvoeding krijgt als de moeder mastitis heeft, en het belangrijk is dat de melkafname doorgaat
  • Als de mastitis wordt veroorzaakt door het methicilline-resistente S. aureus (MRSA), moeten er andere antibiotica worden gebruikt. Als er MRSA heerst in de omgeving en de mastitis niet afneemt, kan het nodig zijn om moedermelk op kweek te zetten en te testen op gevoeligheid voor antibiotica
  • Als de symptomen van mastitis niet binnen enkele dagen zijn verdwenen, is een bredere differentiële diagnose aan te raden om te onderzoeken of er sprake is van resistente bacteriën, vorming van een abces of een ander probleem met de borst
Onderzoekssamenvattingen
ABM Clinical Protocol #4: Mastitis, Revised March 2014 (in het Engels)

A central goal of The Academy of Breastfeeding Medicine is the development of clinical protocols for managing common medical problems that may impact breastfeeding success. ...

Amir LH (2014)

Breastfeed Med. 9(5): 239–243
Literatuur

1 Amir, L.H. ABM Clinical Protocol #4: Mastitis, Revised March 2014. Breastfeed Med 9, 239-243 (2014).

2 Jacobs, A. et al. S3-Guidelines for the Treatment of Inflammatory Breast Disease during the Lactation Period: AWMF Guidelines, Registry No. 015/071 (short version) AWMF Leitlinien-Register Nr. 015/071 (Kurzfassung). Geburtshilfe Frauenheilkd. 73, 1202-1208 (2013).

3 Amir, L.H., Forster, D.A., Lumley, J. & McLachlan, H. A descriptive study of mastitis in Australian breastfeeding women: incidence and determinants. BMC. Public Health 7, 62 (2007).

4 American Academy of Pediatrics and The American College of Obstetricians and Gynecologists. Breastfeeding handbook for physicians 2006).

5 Lawrence, R.A. & Lawrence, R.M. Breastfeeding: a guide for the medical profession (Elsevier Mosby, Maryland Heights, MO, 2011).

6 Hale, T.W., Rowe, H.E. Medications and Mothers' Milk 2014 (Hale Publishing, Plano, 2014).